| |
Beleid van de Muze |
| |
|
| |
| |
| |
|
| Missie |
| De Muze, Centrum voor Theatereducatie,
wil de theaterkunst doorgeven aan beginners, gevorderden
en professionelen, van jong tot oud in de gehele regio
Midden-Brabant. |
|
|
| |
 |
Visie
Inspiratiebronnen / gedrevenheid.
De Muze vindt haar inspiratie in een opvatting
over kunst waarin drie onverbrekelijk met
elkaar verbonden elementen centraal staan:
- De drang om vragen te (doen) stellen;
- Het (doen) scheppen en beleven van schoonheid;
- Het (doen) zoeken naar oorspronkelijkheid.
Deze drie inspiratiebronnen zijn voor De
Muze het uitgangspunt voor de formulering
van haar |
|
| doelstellingen, voor de keuze van haar
activiteiten, voor de doelgroepen die zij wil bereiken
en voor het aangaan van samenwerkingsvormen met anderen. |
|
|
| |
Maatschappelijke
verantwoordelijkheid / doelgroepen |
|
Naast de genoemde gedrevenheid door een drievoudige
inspiratie is er een tweede belangrijk aspect:
de maatschappelijke verantwoordelijkheid die
De Muze als een mede met overheidsgeld gefinancierd
centrum voor theatereducatie voelt voor een
breed programma-aanbod: variërend qua niveau
van beginners tot en met het uitstroomniveau
van 'aspirant-professionals', en gericht op
een grote verscheidenheid van leeftijds- en
bevolkingsgroepen. Voor ieder van die groepen
wordt gewerkt vanuit dezelfde uitgangspunten
en educatieve doelstellingen. De Muze onderscheidt
de volgende drie soorten activiteiten:
|
|
|
- De 'binnenschoolse' theatervorming: projecten
op scholen in basis- en (vooral) voortgezet onderwijs,
bij voorkeur ingebed in het normale schoolleerplan,
dus op cursusjaarbasis;
- De theatervorming voor andere doelgroepen, op
verschillende niveaus voor verschillende leeftijdsgroepen
en voor specifieke doelgroepen zoals vijftigplussers,
verstandelijk gehandicapten en allochtonen;
- De receptieve vorming: het 'leren kijken naar'
en de reflectie op theater .
|
|
|
| |
| Doelstelling van De Muze: educatie |
| Men kan binnen het gebied van de kunst vier 'partijen'
/ 'rollen' onderscheiden: allereerst natuurlijk die
van de makers en de consumenten van kunst, en daarnaast
- elk als intermediair tussen maker en consument -
die van de kunstorganisatie en van de kunsteducatie:
|
| |
| MAKER |
EDUCATIE |
| ORGANISATIE |
CONSUMENT |
|
| |
Als werkplaats voor theatereducatie streeft De
Muze ernaar haar cursisten, in hun rol van maker èn
consument, te confronteren met een combinatie van
twee opgaven: de training in theaterambachtelijke
vaardigheden en inzichten, en de uitdaging tot 'scheppen'
vanuit de eigen belevingswereld en referentiekader.
Centraal in elke cursus staat dan ook de actieve betrokkenheid
bij het wordingsproces van een productie: de cursist
wordt met andere woorden altijd uitgedaagd samen met
anderen iets te maken en te presenteren. |
|
|
| |
| |
 |
Disciplines
Uit de uitgangspunten en doelstellingen vloeit
al min of meer voort met welke theaterdisciplines
De Muze zich in het bijzonder bezighoudt: de
onderdelen waarin èn het ambachtelijke
èn het creatief-oorspronkelijke aan hun
trekken komen. De belangrijkste disciplines
zijn het toneelspel (zowel spelimprovisatie
als repertoiretoneel), de beweging (met name
mime), koorzang in theatrale context, camera
en film en activiteiten op het gebied van theatervormgeving
zoals grime. Activiteiten en disciplines die
minder of geen aandacht krijgen zijn bijvoorbeeld
scenografie en theatertechniek (licht) om |
|
| redenen van praktische uitvoerbaarheid, en musical
en cabaret vanwege hun vaak louter ambachtelijke karakter. |
| |
| |